AOV supplementen webwinkel   
Nederlands 
  Home
Winkelwagen naar Anita's Bjoetiesjop Persoonlijk advies Zet 'm bij je favorieten! Contact
 
 
Producten
Afvallen / Overgewicht
Life-extension
Gezondheid
Sportief
Beauty
Vitaliteit
Wellness
(Multi) Vitaminen
Mineralen
Anti-oxidanten
Vetzuren
Enzymen
Probiotica
Aminozuren
Co-enzym Q10
Kruidenleer
Fytotherapeutica
Orgaanconcentraten
Overige preparaten
Specifieke toepassingen
Alle AOV producten
 
Extra
Afslanken
Beauty
Life extension
Sportief
Vitaal
Wellness
Medisch nieuws
Verzendkosten
Voorwaarden
Persoonlijk advies
naar Anita's Bjoetiesjop
Zet 'm bij je favorieten!
Contact


 

Medisch nieuws



  • Vitamine D-deficiëntie en cognitieve achteruitgang

Uit een studie bleek dat een tekort aan vitamine D een verband had met cognitieve achteruitgang.
Voor de studie werden gegevens geanalyseerd van 752 vrouwen die deelnamen aan de EPIDOS-cohortstudie, oorspronkelijk opgezet om osteoporose te onderzoeken. De vrouwen waren 75 jaar of ouder en werden afhankelijk van hun vitamine D-concentratie verdeeld in twee groepen. Bij een concentratie lager dan 25 nmol/l werd gesproken van een vitamine D-deficiëntie; bij een concentratie van 25 nmol/l of hoger van geen deficiëntie.
Met behulp van een SPMSQ-vragenlijstvragenlijst werd de cognitieve functie bepaald waarbij een cognitieve beperking werd vastgesteld bij een score onder de 8. Tijdens de analyse werd rekening gehouden met beïnvloedende factoren zoals de leeftijd, BMI, ziekten, scholingsniveau en fysieke activiteit.
Uit de resultaten bleek dat 129 vrouwen een vitamine D-deficiëntie hadden en gemiddeld significant lager scoorden op de SPMSQ-vragenlijst en significant vaker ook lager dan 8 scoorden in vergelijking met de 623 vrouwen met de hogere vitamine D-status. Na correctie voor beïnvloedende factoren bleek dat bij vrouwen met een lage vitamine D-status tweemaal zo vaak een cognitieve beperking werd vastgesteld in vergelijking met de vrouwen met de hogere vitamine D-status.
De onderzoekers concluderen dat een lage vitamine D-concentratie van invloed kan zijn op de cognitieve functie.
Bron: Annweiler C, Schott AM, […], Beauchet O. Association of vitamin D deficiency with cognitive impairment in older women: cross-sectional study. Neurology 2010; 74(1):27-32

  • Minder hyperactiviteit bij kinderen door foliumzuur

Volgens onderzoek aan de Engelse University of Southampton is foliumzuur tijdens de zwangerschap goed voor de hersenontwikkeling van het ongeboren kind. Bovendien vermindert het de kans op hyperactiviteit bij de kinderen.
In een prospectief onderzoek werden honderd moeders en hun kinderen gevolgd. Gedurende de veertiende week van de zwangerschap werd bij de vrouwen het gehalte foliumzuur in de rode bloedcellen en de totale foliumzuurinname vastgesteld.
De kinderen van de moeders met een lage foliumzuurspiegel en -inname waren op een leeftijd van zo'n negen jaar vaker hyperactief en hadden meer moeite met de omgang met leeftijdsgenootjes. Een hogere foliumzuurspiegel leidde tot een grotere hoofdomtrek van de kinderen bij de geboorte, wat duidt op een betere ontwikkeling van de hersenen van de foetus.
Bron: Schlotz W, Jones A, [..], Godfrey KM. Lower maternal folate status in early pregnancy is associated with childhood hyperactivity and peer problems in offspring. J Child Psychol Psychiatry 2010; 51(5):594-602

  • Eerder sterven aan hartfalen bij laag coënzym Q10

De coënzym Q10-concentratie blijkt een onafhankelijke voorspeller voor het sterfterisico van personen met chronisch hartfalen (CHF).
Tijdens de studie werd bij 236 personen met hartfalen die voor opname in een ziekenhuis lagen, bloed afgenomen om de coënzym Q10-concenratie te bepalen. De gemiddelde leeftijd bij opname was 77 jaar en de patiënten werden gemiddeld 2,7 jaar gevolgd.
De gemiddelde Q10-concentratie was 0,68 mmol/l in een range van 0,18 tot 1,75 mmol/l. De optimale concentratie coënzym Q10 als voorspeller voor het sterfterisico werd met behulp van ROC-curves vastgesteld op 0,73 mmol/l. Met behulp van multivariate analyse, waarbij onder andere de leeftijd en het geslacht in de analyse werden meegenomen, bleek dat coënzym Q10-concentratie een onafhankelijke voorspeller was van het sterfterisico. Bij een bloedspiegel lager dan 0,73 is het sterfterisico significant tweemaal verhoogd ten opzichte van een hogere Q10-concentratie.
Geconcludeerd kan worden dat een lage concentratie coënzym Q10 een verhoogde kans op sterfte geeft bij personen met chronisch hartfalen.
Bron: Molyneux SL, Florkowski CM, [..], Richards AM. Coenzyme Q10: an independent predictor of mortality in chronic heart failure. J Am Coll Cardiol 2008; 52(18):1435-41

  • Grapefruitsap verbetert opname coënzym Q10

De wijze waarop een voedingssupplement is vervaardigd, bijvoorbeeld van een coënzym Q10-capsule, is van invloed op de biologische beschikbaarheid van de werkzame stof. Maar ook de wijze van innemen kan van invloed zijn. Volgens Japanse onderzoekers kan grapegruitsap de opname van coënzym Q10 met bijna 50% verbeteren. Coënzym Q10 is lipofiel (vetminnend), waardoor de opname vanuit het maagdarmkanaal wordt bevorderd in aanwezigheid van vet. Van grapefruit is bekend dat het invloed uitoefent op de spijsvertering en dat bepaalde voedingsstoffen slechter, andere beter worden opgenomen. Bepaalde stoffen in grapefruit, namelijk sommige typen bioflavonoïden, interfereren met de enzymen die bepaalde voedingsstoffen of geneesmiddelen zoals statines metaboliseren.
Japanse onderzoekers bestudeerden de opname van coënzym Q10 in celkweken van Caco-2 cellen die groeiden in tegenwoordigheid van 10 micromol coënzym Q10 en 1% toevoeging van grapefruitsap. Gevonden werd dat de opname van coënzym Q10 in de Caco-2 cellen met bijna 50% toenam. Het effect van grapefruitsap wordt verklaard door remming van het membraaneiwit P-glycoproteïne waardoor coënzym Q10 sneller door de cellen kan worden opgenomen.
De auteurs concluderen dat het innemen van een coënzym Q10-supplement met grapefruitsap een gemakkelijke manier zou zijn de farmacologische effecten van coënzym Q10 te vergroten.
Bron: Itagaki S, Ochiai A,[...], Iseki K. Grapefruit juice enhance the uptake of coenzyme Q10 in the human intestinal cell-line Caco-2. Food Chemistry 2010; 120:552-555

  • Visolie effectief bij reuma door resolvine D2

Van het visoliebestanddeel docosahexaëenzuur (DHA) zijn modulerende effecten op de eicosanoïdenstofwisseling bekend. Bij ontstekingsziekten zoals reuma werden door patiënten gunstige, symptoomverminderende effecten gemeld. In een recente publicatie in Nature wordt melding gemaakt van een andere krachtige werkzame substantie uit DHA, namelijk resolvine D2. Resolvinen zijn stofwisselingsproducten uit omega-3 vetzuren (EPA, DHA) die ontstekingsprocessen kunnen afremmen en helpen oplossen (to resolve = oplossen).
Door dr. Mauro Peretti en collega's van Queen Mary University of London werd de omzetting van DHA in resolvine D2 in het lichaam grotendeels opgehelderd. Over de invloed van resolvine D2 op ontstekingsprocessen werd meer kennis en inzicht verkregen. Reeds zeer lage concentraties resolvine D2, in de orde van grootte van pico- tot nanomol, blijken sterk werkzaam. Muizen met sepsis toonden na toediening van resolvine D2 sterke vermindering in sterfte. Toepassing van resolvine D2 als een hoog biopotente substantie zou gericht kunnen zijn op reuma en andere aandoeningen welke gepaard gaan met ontstekingen.
Bron: Spite M, Norling LV, [..], Serhan CN. Resolvin D2 is a potent regulator of leukocytes and controls microbial sepsis. Nature 2009; 461(7268):1287-91

  • Pinda-allergie onder controle

Onderzoekers van Cambridge University Hospital in Engeland vonden dat een pinda-allergie waarschijnlijk te verhelpen is door te te beginnen met toediening van zeer lage hoveelheden en deze vervolgens langzaam te verhogen.
Op het congres van de American Association for the Advancement of Science presenteerde dr. Anderw Clark zijn onderzoek met 23 kinderen tussen de 7 en 17 jaar. Deze kregen zeer lage doses pindameel toegediend in yoghurt. Aan het begin was dat 1/400 van een pinda. Deze hoeveelheid is veel te klein om een allergische reactie op te wekken. Vervolgens werd elke dag de dosis verhoogd tot de kinderen probleemloos een hoeveelheid konden verdragen die gelijk staat aan 5 pinda's. Sommige kinderen konden een dosis van 12 pinda's verdragen. Op deze wijze vonden 21 kinderen herstel. De allergie verdween niet geheel, maar was hiermee onder controle. Er traden nog wel lichte verschijnselen op zoals jeuk, huiduitslag en buikpijn.
Er volgt een vervolgonderzoek met 100 kinderen om de resultaten bevestigd te krijgen.De wetenschappers denken dat deze methode ook kan worden toegepast bij andere voedselallergieën, zoals die voor melk en eieren.
Bron: Jaarcongres van de American Association for the Advancement of Science. Februari 2010, San Diego (Verenigde Staten)

  • Mediterrane voeding voorkomt maagkanker

Het volgen van een voeding gebaseerd op de mediterrane keuken verkleint het risico van een adenocarcinoom in de maag.
Aan de prospectieve cohortstudie namen 485.044 personen deel uit tien Europese landen. De proefpersonen waren in de leeftijd tussen 35 en 70 jaar. Aan het begin van de studie werden gegevens verzameld over het voedingspatroon en de leefstijl. De mate waarin het voedingspatroon voldeed aan het mediterrane menu werd gescoord. Wanneer de voeding bestond uit negen componenten van de mediterrane keuken, werd de score vastgesteld op 18. In de analyse werd onderscheid gemaakt tussen de locatie en het type weefsel waarin het carcinoom zich bevond.
Na een gemiddelde follow-up periode van 8,9 jaar werd bij 449 personen een maagcarcinoom vastgesteld. Na correctie voor beïnvloedende factoren zoals de leeftijd en risicofactoren voor kanker bleek dat een voeding rijk aan mediterrane producten het risico van een adenocarcinoom significant verlaagde ten opzichte van een voedingspatroon arm aan mediterrane ingrediënten. Daarnaast bleek dat een toename van de score met 1 punt het risico van een adenocarcinoom met 5% verminderde. De resultaten waren onafhankelijk van de locatie en het type weefsel waarin het carcinoom zich bevond.
Geconcludeerd kan worden dat een voeding rijk aan producten uit de mediterrane keuken het risico van een maagcarcinoom verkleint.
Bron: Buckland G, Agudo A, […], González CA. Adherence to a Mediterranean diet and risk of gastric adenocarcinoma within the European Prospective Investigation into Cancer and Nutrition (EPIC) cohort study. Am J Clin Nutr 2010; 91(2):381-90

  • Vitamine B6 verlaagt risico hart- en vaatziekten

Een lage vitamine B6-spiegel gaat gepaard met een groter risico van hart- en vaatziekten. Onderzoekers van de Tufts University in Boston deden daarom onderzoek naar het cardioprotectieve effect van vitamine B6, onafhankelijk van de homocysteïnespiegel.
De wetenschappers voerden een cross-sectioneel onderzoek uit onder 1200 oudere Puerto-Ricanen (45 tot 75 jaar oud) die in de staat Massachusetts woonden. Ze stelden in het bloed de waarden vast van pyridoxal-5-fosfaat (P5P, de bioactieve vorm van vitamine B6), C-reactief proteïne (CRP, een ontstekingsmarker) en urinair 8-hydroxydeoxyguanosine (8-OHdG, een marker voor oxidatieve schade aan DNA).
Er bleek een sterke en significante dosisgerelateerde relatie te bestaan tussen de P5P- en CRP-spiegel. Naarmate de P5P-spiegel steeg, daalde de CRP-waarde. Hetzelfde gold voor de concentratie 8-OHdG, hoewel deze relatie niet significant was. Na correctie voor de homocysteïnespiegel bleven deze relaties bestaan. Daarnaast bestond er een significant verband tussen een lage B6-spiegel en metabool syndroom, obesitas en diabetes.
Een lage concentratie vitamine B6 in het bloed gaat gepaard met ontstekingsreacties, meer oxidatieve stress en metabole aandoeningen. Vitamine B6 is dus niet alleen via de homocysteïnespiegel van invloed op het risico van hart- en vaatziekten.

Bron: Shen J, Lai CQ, [..], Tucker KL. Association of vitamin B-6 status with inflammation, oxidative stress, and chronic inflammatory conditions: the Boston Puerto Rican Health Study. Am J Clin Nutr 2010; 91(2):337-42

  • Frisdrank verhoogt kans op alvleesklierkanker

Het regelmatig drinken van frisdrank is een risicofactor voor het ontstaan van alvleesklierkanker.
Voor de studie werden gegevens geanalyseerd van 60.524 proefpersonen die deelnamen aan de Singapore Chinese Health Study. Deze prospectieve cohortstudie had een follow-up periode van 14 jaar. Het verband tussen de kans op alvleesklierkanker en de inname van frisdrank en vruchtensappen werd onderzocht. Met behulp van interviews werden gegevens verzameld over de consumptie van frisdrank, vruchtensappen, voeding, leefstijl en omgevingsfactoren. Gegevens over het aantal personen met alvleesklierkanker en het aantal sterfgevallen werden gehaald uit de kankerregistratie en het bevolkingsregister van Singapore.
Gedurende de follow-up periode werd bij 140 personen alvleesklierkanker gediagnosticeerd. Na correctie voor beinvloedende factoren bleek dat personen die 2 of meer glazen frisdrank per week dronken een significant verhoogd risico van het ontstaan van alvleesklierkanker hadden ten opzichte van personen die geen frisdrank dronken. Er werd geen verband gevonden tussen de consumptie van vruchtensap en kanker.
Geconcludeerd kan worden dat het drinken van frisdrank een onafhankelijke risicofactor is voor het ontstaan van kanker in de alvleesklier.
Bron: Mueller NT, Odegaard A, […], Pereira MA. Soft drink and juice consumption and risk of pancreatic cancer: the Singapore Chinese Health Study. Cancer Epidemiol Biomarkers Prev 2010; 19(2):447-55

  • Donkere chocolade heeft antioxidatieve werking

Het eten van donkere chocola beschermt DNA tegen oxidatieve schade. Mogelijk beschermt dit tegen hart- en vaatziekten.
Aan de Universiteit van Milaan werd het verschil tussen donkere en witte chocolade onderzocht. Twintig proefpersonen aten vier weken lang een gezond voedingspatroon. De laatste twee weken van deze periode at iedereen bovendien iedere dag 45 gram chocolade. De helft van de groep kreeg donkere chocolade met 860 mg polyfenolen waarvan 58 mg epicatechinen. De rest kreeg witte chocolade met 5 mg polyfenolen. Op verschillende momenten tijdens het onderzoek werd er bloed afgenomen bij de proefpersonen.
Twee uur na het eten van de donkere chocolade was er sprake van een hogere epicatechinespiegel en zo'n 20% minder DNA-schade bij de betreffende proefpersonen. Twintig uur later was dit effect verdwenen. Witte chocolade had geen effect op de onderzochte parameters in het bloed.
Donkere chocolade zou dus prima onderdeel kunnen uitmaken van een dieet om overgewicht, wat gepaard gaat met een grotere kans op hart- en vaatziekten, te verminderen.
Bron: Spadafranca A, Martinez Conesa C, [..], Testolin G. Effect of dark chocolate on plasma epicatechin levels, DNA resistance to oxidative stress and total antioxidant activity in healthy subjects. Br J Nutr 2010; 103(7):1008-14

  • Drinken van druivensap verbetert hersenfunctie

Dagelijks druivensap drinken is gunstig voor de hersenfunctie van ouderen met beginnend geheugenverlies, aldus onderzoekers van de University of Cincinnati.
Wetenschappers voerden een twaalf weken durend verkennend onderzoek uit onder twaalf ouderen met beginnend geheugenverlies. In vergelijking met een placebo boekten de ouderen die druivensap dronken vooruitgang voor wat betreft verbaal leren en verbaal en ruimtelijk geheugen. Het druivensap had geen effect op de gemoedstoestand, het lichaamsgewicht of de tailleomtrek. Wel steeg de nuchtere insulinespiegel iets door deze suppletie.
Druivensap bevat polyfenolen welke een antioxidatieve en ontstekingsremmende werking hebben en van invloed zijn op de prikkeloverdracht in de zenuwen. Eerdere studies hebben al uitgewezen dat het drinken van druivensap ontstekingen remt en bij hart- en vaatpatiënten de bloeddruk vermindert en de bloedvaten gezond houdt. Daar komt nu dus een positief effect op het cognitief functioneren van ouderen bij. Grootschaliger vervolgonderzoek is nodig om het werkingsmechanisme van dit effect te ontrafelen.
Bron: Krikorian R, Nash TA, [..], Joseph JA. Concord grape juice supplementation improves memory function in older adults with mild cognitive impairment. Br J Nutr 2010; 103(5):730-4

  • Voedingsadviezen voor hart en vaten

Voedingsadviezen voor de preventie en behandeling van hart- en vaatziekten richten zich voornamelijk op een vermindering van de inname van verzadigd vet, met als voornaamste doel het gehalte LDL-cholesterol te verlagen. Om het effect van dit advies te kunnen beoordelen, moet ook gekeken worden naar de macronutriënten die als alternatief voor deze verzadigde vetzuren worden gegeten. Dat vinden vooraanstaande Amerikaanse voedingskundigen onder leiding van dr. Ron Krauss. Zij onderbouwen hun stelling als volgt.
Klinische studies waarin verzadigde vetzuren (VV's) werden vervangen door meervoudig onverzadigde vetzuren (MOV's), laten over het algemeen een vermindering in hart- en vaatziekten zien. In epidemiologische studies is er echter nog geen eenduidig verband aangetoond tussen inname van verzadigd vet en het risico van hart- en vaatziekten.
Door VV's te vervangen door MOV's of EOV's (enkelvoudig onverzadigde vetzuren) daalt zowel het LDL- als het HDL-cholesterolgehalte. Worden de VV's vervangen door koolhydraten, en dan vooral geraffineerde koolhydraten, dan heeft dit een negatief effect op het bloedlipidenprofiel dat bijdraagt aan de atherosclerose en aan verminderde insulinegevoeligheid en overgewicht.
Het eten van MOV's in plaats van VV's verlaagt het risico van hart- en vaatziekten. De inname van VV's verlagen door extra koolhydraten te eten, heeft dit effect niet. Daarom dienen voedingsadviezen die het risico van hart- en vaatziekten moeten verlagen, de nadruk te leggen op beperking van de inname van geraffineerde koolhydraten en vermindering van overgewicht.
Bron: Siri-Tarino PW, Sun Q, [..], Krauss RM. Saturated fat, carbohydrate, and cardiovascular disease. Am J Clin Nutr 2010; 91:502-509

  • Vis goed bij hartfalen

Het eten van vis heeft gunstige effecten voor hartfalenpatiënten. Het vermindert bij deze mensen het risico van links ventriculaire systolische disfunctie (LVSD), aldus onderzoek van de Universiteit van Athene.
De wetenschappers bestudeerden bijna duizend patiënten die vanwege het acuut coronair syndroom (ACS) in het ziekenhuis waren opgenomen. ACS ontstaat wanneer de hartspier niet meer voorzien wordt van zuurstofrijk bloed. Het syndroom omvat zowel een hartinfarct als angina pectoris. Er werd gekeken naar demografie, voedingspatroon, levensstijl, medische factoren en het risico van LVSD. Bij LVSD pompt het hart niet krachtig genoeg om de linker hartkamer goed leeg te pompen.
Uit de resultaten bleek dat patiënten die een- of tweemaal per week vis aten, aanmerkelijk minder kans hadden LVSD te ontwikkelen. Driemaal of vaker per week vis eten leidde niet tot een nog grotere bescherming.
Vervolgonderzoek zal moeten uitwijzen welke vissoorten en welke bereidingswijze van de vis verantwoordelijk waren voor dit verlaagde risico.
Bron: Kastorini CM, Chrysohoou C, [..], Stefanadis C. Moderate fish consumption is associated with lower likelihood of developing left ventricular systolic dysfunction in acute coronary syndrome patients. J Food Sc 2010; 75():H24-9

  • Astma door paracetamolgebruik

Uit een grootschalige Canadese reviewstudie is gebleken dat paracetamolgebruik het risico van astma bij zowel kinderen als volwassenen vergroot.
De wetenschappers doorzochten alle grote medische databases. Zij selecteerden de studies die de relatie tussen paracetamolgebruik en astma onderzochten. Uiteindelijk analyseerden zij de resultaten van dertien cross-sectionele studies, vier cohortonderzoeken en twee case-controlstudies met gezamenlijk meer dan 425.000 proefpersonen. Alle gegevens van deze studies werden gecombineerd en gezamenlijk geëvalueerd in één grote meta-analyse.
Proefpersonen die paracetamol gebruikten, hadden een 63% grotere kans op astma. Onder kinderen verhoogde paracetamolgebruik de kans binnen een jaar astma te ontwikkelen met 60%. De kans gedurende het eerste levensjaar astma te ontwikkelen werd door paracetamolgebruik met 47% verhoogd. Gebruik van paracetamol tijdens de zwangerschap leidde tot 28% meer kans op astma en 50% meer kans op een piepende ademhaling tijdens het latere leven. Slecht één studie liet bij analyse op zichzelf een significant verband zien tussen een hoge dosering paracetamol en astma.
Bron: Etminan M, Sadatsafavi M, [..], Fitzgerald JM. Acetaminophen use and the risk of asthma in children and adults: a systematic review and metaanalysis. Chest 2009; 136(5):1316-23

  • Vitamine B12 gunstig tegen aften

Suppletie met vitamine B12 laat aften in de mond sneller genezen, ongeacht de aanvankelijke B12-spiegel van de patiënt. Dit blijkt uit Israëlisch onderzoek.
Een groep van 58 proefpersonen kreeg gedurende een periode van zes maanden voor het slapen gaan ofwel een zuigtablet met 1000 mcg vitamine B12 ofwel een placebo.
Na 5 en 6 maanden suppletie daalde het aantal uitbraken, het aantal zweren in de mond en de pijnbeleving significant door vitamine B12. Deze effecten waren onafhankelijk van de concentratie vitamine B12 die de proefpersonen in deze groep aan het begin van het onderzoek in hun bloed hadden. Aan het einde van de onderzoeksperiode had 74% van de B12-groep geen last meer van aften. In de controlegroep was dit 32%, een significant verschil. In de controlegroep daalde het aantal uitbraken, het aantal zweren in de mond en de pijnbeleving aanvankelijk, maar deze waarden stegen weer naarmate het einde van het onderzoek naderde.
Ongeveer 25% van de bevolking heeft regelmatig aften in de mond. Vitamine B12-suppletie blijkt een eenvoudige, goedkope en veilige aanpak van een veelvoorkomend probleem.
Bron: Volkov I, Rudoy I, [..], Press Y. Effectiveness of vitamin B12 in treating recurrent aphthous stomatitis: a randomized, double-blind, placebo-controlled trial. J Am Board Fam Med 2009; 22(1):9-16

  • Omega 3-vetzuren tegen spierpijn

Omega 3-vetzuren verminderen spierpijn na excentrische training.
Aan de studie namen 27 mannelijke proefpersonen deel die gedurende 60 dagen niet aan een training hadden deelgenomen. De mannen werden willekeurig ingedeeld in een supplementen- of placebogroep. De personen in de supplementengroep kregen 1,8 gram omega 3-vetzuren per dag. De training bestond uit het uitvoeren van excentrische knieoefeningen. Bij excentrische training levert de spier kracht terwijl deze verlengd wordt, zoals bijvoorbeeld bij het laten zakken van een halter. Voor, tijdens, 24 en 48 uur na de training werd de bewegingsuitslag van de knieën (Range Of Motion oftewel ROM), de ervaren spierpijn en de omtrek van het rechter dijbeen gemeten.
Er was geen waarneembaar verschil in de gemeten parameters voor, tijdens en 24 uur na de inspanning. Echter, na 48 uur werd door de mannen uit de supplementengroep minder spierpijn ervaren. Daarnaast bleek de bewegingsuitslag van de knieën kleiner.
Geconcludeerd kan worden dat suppletie met omega 3-vetzuren spierpijn kan verminderen tijdens het uitvoeren van excentrische oefeningen.
Bron: Tartibian B, Maleki BH, Abbasi A. The effects of ingestion of omega-3 fatty acids on perceived pain and external symptoms of delayed onset muscle soreness in untrained men. Clin J Sport Med 2009; 19(2):115-9

  • Foliumzuur tegen gehoorverlies

Tijdens de jaarlijkse bijeenkomst van de American Academy of Otolaryngology werd gepresenteerd dat foliumzuur het risico van gehoorverlies bij oudere mannen met 20% kan doen verminderen. Antioxidanten bleken geen beschermend effect te hebben.
De onderzoekers maakten gebruik van gegevens van de Health Professionals Follow-up Study. Een groep van ruim 50.000 mannen vulde vanaf 1986 om het jaar uitgebreide vragenlijsten in over hun gezondheid en voedingspatroon. Deze proefpersonen werden gevolgd tot 2004.
Uit de resultaten bleek geen verband tussen de inname van antioxidanten zoals de vitaminen C, E of bètacaroteen en gehoorverlies. Foliumzuur had wel een beschermend effect bij mannen ouder dan 60 jaar. Proefpersonen die met hun voeding en supplementgebruik veel foliumzuur binnenkregen, hadden 20% minder kans gehoorverlies te ontwikkelen. Voedingsmiddelen rijk aan foliumzuur zijn onder meer spinazie, asperges, raapstelen, sla, bonen, doperwten, zonnebloempitten en lever(producten).
Bron: Jaarcongres van de American Academy of Otolaryngology-Head and Neck Surgery Foundation (AAO-HNSF. Oktober 2009; San Diego, Verenigde Staten

  • JAMA over nutriënten en prostaatkanker [ 07-01-2009 ]

Het wetenschappelijke tijdschrift JAMA (Journal of the American Medical Association) heeft in de uitgave van 7 januari 2009 de resultaten publiceren van twee studies die de relatie onderzochten tussen verschillende nutriënten en het risico op prostaatkanker. Online heeft JAMA de resultaten al eerder vrijgegeven. Diverse media hebben inmiddels ingehaakt op dit onderwerp. Zo ook de volkskrant van 10 december 2008 met het bericht: “Slikken supplementen voorkomt kanker niet” en “Voedingssupplementen helpen niet tegen hart- en vaatziekten”, van welke de kop de lading van de studies niet dekt en zorgt voor foutieve beeldvorming.
Volgens beide studies verlaagt dagelijkse suppletie van vitamine E, vitamine C, selenium, apart of in combinatie het risico op prostaatkanker niet. De ‘Selenium and Vitamin E Cancer Prevention Trial (SELECT)’ heeft ‘at random’ 35.000 mannen toegeschreven aan de groep die dagelijk selenium, vitamine E, beide, of een placebo suppleerden. Na vijf en een half jaar werden er geen significante verschillen waargenomen tussen de groepen in relatie tot prostaatkanker.
In de tweede studie (the Physicians' Health Study II ) zijn 15.000 mannen ‘at random’ toegeschreven aan een groep die om de dag vitamine E, en elke dag vitamine C suppleerden. Een follow up van acht jaar liet ook hier geen effect zien in relatie tot prostaatkanker of andere kankersoorten in het algemeen.
Vanuit verschillende hoeken zijn inmiddels kanttekeningen geplaatst bij deze onderzoeken. Zo is er bijvoorbeeld geen rekening gehouden met de factor leefstijl (rookgedrag, voedingsgewoonten) en de effectiviteit van een preventief beleid die verwacht mag worden bij een doelgroep ouder dan 50. Bovendien is er in beide studies een synthetische vorm van vitamine E gebruikt, is er niet gekeken naar de vitamine- en mineralenstatus van de deelnemers in de uitgangssituatie en niet naar genetische variatie. Kijk voor de reactie van de NPN op www.natuur-gezondheidsproducten.nl.
Er zijn legio studies die wel positieve resultaten laten zien aangaande voedingsstoffen en kanker. Kijk voor een uitgebreide lijst van studies op www.kanker-actueel.nl. Uit de lijst studies komt naar voren dat specifiek voor prostaatkanker veelal met lycopeen, een carotenoïde, goede resultaten bereikt worden in de trant van preventie of het afremmen van de kanker.


  • Vitaminegehalte in groenten drastisch gedaald 17-10-2008

De aanwezigheid van vitaminen en mineralen in groenten als andijvie, bloemkool en wortelen is de afgelopen twintig jaar flink teruggelopen, meldt De Telegraaf. Soms zelfs met meer dan 50%.
Voor een belangrijk deel wordt de drastische daling van het vitaminegehalte in groenten veroorzaakt door het injecteren van mest in onze landbouwgrond. Sinds vijftien jaar mogen boeren in Nederland geen mest meer bovengronds uitrijden en zijn ze verplicht het rechtstreeks in de grond te injecteren. Dit heeft grootse gevolgen gehad voor de Nederlandse bodemkwaliteit en daarmee de kwaliteit van de gewassen.
Het ecologische bodemleven heeft zwaar te leiden onder een zuurstoftekort ten gevolge van het injecteren van mest. Bij bemesting komt het schadelijke blauwzuurgas vrij. Dit gas wordt onschadelijk gemaakt door zuurstof. In geval van het injecteren van mest door zuurstof in de bodem. De gewassen van Nederlandse bodem hebben dan ook in de loop der jaren sterk aan kwaliteit ingeboet. "Als we zo doorgaan komt de volksgezondheid in gevaar", waarschuwt Paul Blokker van de Vereniging tot behoud van boer en milieu in de Telegraaf.
De gemiddelde Nederlander heeft een gebrek aan zink, ijzer, selenium, koper, magnesium en een tekort aan vitamine A. Bovendien bevatten groenten tegenwoordig veel minder vitamine C. Volgens een vergelijkend onderzoek door de Consumentenbond in 2006 is het vitamine C gehalte in Broccoli met maar liefst 84% teruggelopen ten opzichte van 2001. Met teruglopende gehaltes vitaminen en mineralen in groenten en fruit wordt het steeds lastiger om voldoende van alles binnen te krijgen. Dit komt nog eens bovenop de tekorten die men oploopt door het huidige voedingspatroon. Zie de samenvatting van het rapport 'Tekorten in de Nederlandse Voeding'.
Seleniumtekort
Al langer bekend is dat de hoeveelheid selenium in de Nederlandse bodem zeer laag is. Het is nog nauwelijks meetbaar. De inname van selenium via de voeding is in onderzoek al meermalen in verband gebracht met de kans op kanker (www.kanker-actueel.nl). "Eén op de drie Nederlanders krijgt tegenwoordig kanker. Dat is veel hoger dan waar ook ter wereld" constateert Paul Blokker.
Bron: Telegraaf 16 april 2008

  • Kraanwater én mineraalwater! 07-08-2008

Er is veel te doen over water in relatie tot de gezondheid. In maart dit jaar was er het verontrustende resultaat van de RADAR-test met waterkranen. Het drinkwater dat uit een aantal van deze kranen kwam bevatte meer lood dan de toegestane hoeveelheid van 0,01 mg lood per liter. Zo zou ons drinkwater, dat het schoonste drinkwater van Europa is, toch vervuild raken omdat het door een vervuilde kraan loopt! In mei dit jaar kondigde De Vereniging van waterbedrijven in Nederland (Vewin) aan een voorlichtingscampagne te starten met feiten over kraanwater, omdat er nogal wat fabels over drinkwater heersen. Zo zou er volgens velen nog chloor in ons kraanwater zitten en zou er fluoride aan worden toegevoegd, om gaatjes in tanden en kiezen te voorkomen. Dat er meer in water zit dan alleen waterstof en zuurstof staat vast, maar wat is nu precies de waarde van
Water kent niet direct een orthomoleculaire toepassing, maar speelt wel degelijk een belangrijke rol voor onze gezondheid. Het menselijk lichaam bestaat voor 60% uit water. Water is een belangrijke transporteur in het lichaam vanwege haar grote oplossende vermogen. Op moleculair niveau zorgt het ervoor dat de lichaamscellen voorzien worden van alle benodigde voedingsstoffen. Orthomoleculaire therapie, de therapie waarbij hoge doses microvoedingsstoffen worden ingezet, kan dus alleen optimaal slagen indien men ook voldoende water drinkt! Wel is de samenstelling van het water dat we drinken van belang. Drinken we kraanwater of mineraalwater?
Ons kraanwater mag dan wel het schoonste drinkwater van Europa zijn, het bevat nog wel een zekere hoeveelheid ballaststoffen. Sporen van zware metalen, pesticiden maar ook van natuurlijke en pseudo-oestrogenen. Via de urine plassen we natuurlijke oestrogenen oestron en 17ß-oestradiol uit en ook het synthetische 17a-ethynyloestradiol, uit de anticonceptiepil. Men kan ervoor kiezen thuis het water te filteren, echter worden dan ook mineralen zoals calcium en magnesium weggefilterd. Door hun anorganische vorm zijn ze weliswaar slecht opneembaar voor mensen, het betekent niet dat we er niks van opnemen. Alle beetjes helpen gezien ons tekort schietende voedingspatroon. Men kan natuurlijk ook kiezen voor mineraalwater uit de fles, zo krijgt men water binnen vrij van ballaststoffen en met substantiëlere hoeveelheden van de voor de gezondheid belangrijke mineralen. Er zijn zelfs aanwijzingen uit epidemiologische studies onder mensen die dicht bij een natuurlijke waterbron leven, dat het structureel consumeren van mineraalwater een preventief effect heeft op verscheidene ziektebeelden. Voor het milieu is het echter minder gunstig als we met z’n allen gebotteld mineraalwater zouden gaan drinken.
De middenweg ligt ergens tussen het drinken van kraan- en mineraalwater in. Misschien is het wel het beste om het drinken van (gezuiverd) kraanwater af te wisselen met mineraalwater uit fles. Voldoende mineralen moet men natuurlijk voornamelijk verkrijgen uit voeding, bijvoorbeeld door het eten van genoeg groente en door noten en zaden in het menu op te nemen. Orthomoleculair bekeken is het zinvol om naast de voeding eventueel de goed opneembare organische mineraalverbindingen te suppleren.
Bron: Drs. Elja van Heteren, directeur van de Stichting Orthomoleculaire Educatie.

  • Overheid wil gezondere levensstijl Nederlanders 26-07-2008
De Nederlandse regering wil dat de drempel voor een gezonde voedselkeuze verlaagd wordt voor de Nederlandse consument. Dat staat in de nota 'Gezonde Voeding, van begin tot eind'. Erkend wordt dat mensen met het huidige voedingspatroon ernstige tekorten oplopen en dat ongezonde voeding leidt tot 10 procent van de jaarlijkse sterfte door hart- en vaatziekten, diabetes en kanker.
De stichting SOE publiceerde in 1995 reeds een rapport waarin onderbouwd wordt dat zelfs bij het gebruik van een als evenwichtig bestempelde voeding ernstige tekorten optreden aan zeer belangrijke micro-voedingsstoffen (vitamines, mineralen, spoorelementen)
Bron: ministerie van VWS

  • Veelbelovend onderzoek LCPL naar effecten lacto-Intiem op de vaginale flora en zuurgraad 05-06-2008
Voor een betere wetenschappelijke onderbouwing van de werkzaamheid van het product Lacto-Intiem hebben wij in samenwerking met het Leids Cytologisch en Pathologisch Laboratorium (LCPL) een evaluatieonderzoek verricht naar de effecten van de behandeling met het AOV product Lacto-Intiem (AOV artikelnummer 8603) op de vaginale flora en zuurgraad.
Meer over Lacto-Intiem:
Onderzoek onder auspiciën van mevrouw Mathilde Boon (autoriteit op het gebied van bacteriële vaginosis) Onlangs is de rapportage van het onderzoek door het LCPL naar de werking van Lacto-Intiem opgeleverd. Dit rapport is onder auspiciën mevrouw Mathilde Boon uitgevoerd en beschreven. Mevrouw Mathilde Boon is autoriteit op het gebied van bacteriële vaginosis (BV), ofwel vaginale schimmelinfectie. (Bacteriële vaginosis ontstaat door verstoring van het evenwicht tussen Lactobacillus, Gardnerella, en anaëroben. De zuurgraad neemt af en er ontstaat overgroei van Gardnerella vaginalis e.a. soorten, met als gevolg toegenomen afscheiding, nare geur, jeuk en irritatie. Synoniemen voor bacteriële vaginosis: Gardnerella vaginitis, anaërobe vaginosis/vaginitis.)
Veelbelovende resultaten voor een gezonde vaginale flora en zuurgraad De resultaten van het evaluatieonderzoek met Lacto-Intiem zijn veelbelovend en wij zijn dan ook zeer verheugd dat op wetenschappelijke gronden gesteld kan worden dat:
  • Lacto-Intiem bijdraagt aan het behoud van een goede vaginale flora
  • Lacto-Intiem bijdraagt aan het behoud van een goede zuurgraad in de vagina
  • Lacto-Intiem een gunstig effect heeft op de slechte bacterie gardnerella vaginalis (deze neemt af in aantal met een factor 5) en op de goede bacterie lactobacillus crispatus, (deze neemt toe in aantal)
  • Lacto-Intiem bijdraagt aan het herstel van een goede vaginale flora
  • de evaluatie laat zien dat een groot deel van de deelnemende vrouwen heeft aangegeven dat de vaginale klachten verminderen na het gebruik van 1 week Lacto-Intiem (let wel: deze evaluatie is gebaseerd op 1 verpakking Lacto-Intiem (6 pillen), de aanbevolen kuur voor de maximale werking van het product is 2-3 kuren (12 tot 18 pillen)

  • Gebruik probiotica-supplementen absoluut veilig 24-01-2008
Immunoloog Eric Claassen (Erasmuns MC, Rotterdam) verklaart in de Volkskrant dat er bij zijn weten nog nooit iemand aan probiotica is overleden. Volgens hem kan het slechte resultaat dan ook niet aan de probiotica hebben gelegen: ’Niet aan de bereiding, niet aan de mix. Misschien ligt de verklaring toch in de statistische verwerking van de gegevens’.

In een groot onderzoek van het Universitair Medisch Centrum Utrecht is gekeken naar de werking van probiotica bij patiënten met ernstige acute alvleesklierontsteking (pancreatitis), een gevaarlijke aandoening met een hoge sterfte. Aan het experiment deden 296 patiënten mee, in vijftien ziekenhuizen. De helft van de patiënten kreeg een cocktail van zes verschillende probiotische bacteriestammen (Ecologic 641), de andere helft een placebo, rechtstreeks toegediend via een neussonde die via de maag eindigde in de dunne darm.
Na analyse van de onderzoeksresultaten is geheel tegen de verwachting in gebleken dat in de behandelgroep meer doden waren gevallen dan in de placebogroep: 24 in de behandelgroep tegenover 9 in de controlegroep. Volgens hoofdonderzoeker prof. Dr. H. Gooszen zijn de doden vooral gevallen in de groep meest zieke patiënten en al vrij snel na toediening van de probiotica. Deze groep patiënten lag op de intensive care en had beademing nodig. Tevens waren diverse organen uitgevallen.

In een persbericht van branche-organisatie NPN wordt gesteld dat het probioticum Ecologic 641 specifiek voor dit onderzoek is ontwikkeld en niet op de markt gebracht, of voor consumenten verkrijgbaar.
De oorzaak van de hogere aantal sterfgevallen in de behandelgroep van het onderzoek is nog niet bekend. Volgens de NPN lijkt de behandeling met probiotica via een sonde in een groot deel van de overleden patiënten (9 van de 24) te hebben geleid tot het afsterven van weefsel in de dunne darm. Dit is een bekend beeld van de ziekte en treedt op bij een klein deel van patiënten die via een sonde worden gevoed. Het lijkt erop dat in dit onderzoek het probioticum deze ernstige complicatie heeft versterkt.

Ook de branche-organisatie is geschokt door de negatieve resultaten, maar men benadrukt dat er wel rekening gehouden moet worden met de doelgroep van het onderzoek, namelijk ernstig zieke mensen. ’Er bestaat geen enkele aanwijzing dat gezonde consumenten gevaar lopen bij het gebruik van probiotica-producten die op de markt zijn gebracht’, aldus de NPN. Ook volgens prof. Gooszen is er geen enkele reden om te stoppen met het gebruik van probiotische producten.
Kort samengevat: Waarom is er geen reden tot ongerustheid?
•Patiëntengroep: Alle proefpersonen hadden al ernstige acute alvleesklierontsteking, een gevaarlijke aandoening met een hoge sterfte. Volgens hoofdonderzoeker prof. Dr. H. Gooszen zijn de doden vooral gevallen in de groep meest zieke patiënten en al vrij snel na toediening van de probiotica. Deze groep patiënten lag op de intensive care en had beademing nodig. Tevens waren diverse organen uitgevallen.
•Specifiek gebruikt probioticum: De in het onderzoek gebruikte probioticum (Ecologic 641) is specifiek voor dit onderzoek ontwikkeld en niet op de markt gebracht, of voor consumenten verkrijgbaar.
•Toediening: Volgens de NPN lijkt de behandeling met probiotica via een sonde in een groot deel van de overleden patiënten (9 van de 24) te hebben geleid tot het afsterven van weefsel in de dunne darm. Dit is reeds een bekend beeld van de ziekte en treedt op bij een klein deel van patiënten die via een sonde werden gevoed.
Bron: Stichting Orthomoleculaire Educatie

  • Suiker maakt ouder
Vergeet de verjongende smeerseltjes. Om er jeugdiger uit te zien moet je minder suiker eten. Dit zegt de Amerikaan Fredric Brandt, dermatoloog en schrijver van het boek 'De handleiding voor een mooi en jong leven'. "Suiker breekt de stoffen elastine en collageen af, die je huid jong houden. Zodra je geen suiker meer neemt, zul je er jonger uit gaan zien", belooft de Dr. Brandt, die ook Cher en Madonna behandelt.
Brandt: "Je kunt je huid vergelijken met een matras, waarbij collageen en elastine voor de zachtheid en de veerkracht zorgen". Volgens Brandt zal de huid bij een suikervrij dieet al na tien dagen jonger ogen. Suiker is niet de enige boosdoener. Ook het bakken en frituren van eten helpt bij de afbraak van de huid.

Voor advies kun je terecht bij onze orthomoleculaire voedings- en suppletietherapeut, die ook aan Anita's bjoetiesjop is verbonden

  • Waarschijnlijk krijgt een op de zes Nederlanders huidkanker
De kosten voor de gezondheidszorg zullen door de behandelingen enorm stijgen. Die voorspelling doet het Nationaal Huidfonds aan de vooravond van een congres dat 9 juni in Amsterdam werd gehouden. Volgens het huidfonds is er nog geen goede registratie van het aantal huidkankergevallen, en is daardoor moeilijk te stellen hoe vaak de ziekte voorkomt. De stijging van het aantal gevallen komt door de vergrijzing, stelt de organisatie. Veel ouderen hebben vroeger veel in de zon gelegen zonder zich te beschermen tegen de straling. Daar werd toen nog niet voor gewaarschuwd. Des te meer reden om vandaag de dag altijd goed te blijven smeren!

  • Gezond zoenen
Dacht jij dat zoenen alleen maar spannend en lekker was? Wetenschappelijk onderzoek heeft uitgewezen dat het aanspannen en ontspannen van gezichtsspieren zeer belangrijk is, ook voor spieren die normaal gesproken nauwelijks bewegen. Er zijn een zestal oefeningen bedacht voor een optimaal resultaat. Deze 'zoentechniek' geeft de cellen in je huid meer zuurstof en voedingsstoffen. Dus je weet het: don't talk just kiss!
1. The big A: 'Aaah' - doe je mond en ogen wijd open.
2. The big O: 'Oooh' - mond in de vorm van een O, je ogen wijd open.
3. The big I: 'Iiih'- mond en ogen aanspannen.
4. Changing Sides: - beweeg je mond van links naar rechts en omgekeerd.
5. Amazement: - open je ogen zo ver als je kunt en 'trekt' je oogleden richting je voorhoofd.
6. The Kiss: - span je lippen alsof je gaat zoenen.
  Winkelwagen
Aantal Product
Winkelwagen
  Aanbiedingen
 
AOV Geest in balans,
AOV Geest in balans, set
 
AOV vitamine C 500 mg/bioflavoïden 25 mg,
AOV vitamine C 500 mg/bioflavoïden 25 mg, 100 tabl.